Home » Articles posted by Marleen

Author Archives: Marleen

Hedendaagse Haydn in slot Esterhazy

Het beroemde barokorkest “Il giardino armonico” o.l.v. Giovanni Antonini is bezig met een enorm project. Ze gaan alle symfonieën van Haydn opnemen en dat zijn er minstens 104. Ze willen dit project voltooien binnen het jaar 2032, het driehonderdste geboortejaar van Haydn. Ze gaven onlangs een live-opname van een concert vrij. Het programma betreft drie symfonieën van Haydn en een symfonie van Wilhelm Friedemann Bach. Dezelfde symfonieën zijn opgenomen voor hun laatste cd. Deze cd, genaamd “il filosofo”, naar de derde symfonie die daarop te beluisteren valt, is de tweede in een serie van opnamen die vallen binnen het project van dit barokorkest om alle symfonieën van Haydn op te nemen.

Het toeval wil dat ik deze eerste twee albums uit handen van “il giardino armonico” zelf heb mogen ontvangen dankzij twee prijsvragen op Facebook. Bij de eerste prijsvraag won ik het eerste album “La passione”. De tweede prijsvraag werd 31 maart 2015 gehouden, de verjaardag van Haydn. Ook ik vier dan mijn verjaardag. Helaas kwam mijn antwoord toen niet goed door, maar ik heb uiteindelijk kunnen aantonen dat ik juist geantwoord had en na de mededeling dat het die dag ook mijn verjaardag was kreeg ik ook de tweede cd, “Il filosofo”. Elke cd ligt ingebed in een boekwerk ter grootte van een lp dat veel extra informatie en mooie foto’s bevat. Ik was er verguld mee.

Het concert vond 9 mei 2015 plaats in de Haydnsaal van het paleis Esterházy in Eisenstadt bij de grens tussen Oostenrijk en Hongarije. Daar werkte Haydn gedurende dertig jaar als kapelmeester voor deze vorstenfamilie. “Il giardino armonico” is vreemd genoeg bijna nooit op tournee in Italië. Het is vanuit hieruit dus heel moeilijk concerten bij te wonen. Deze opname biedt de kans het orkest behalve goed te horen ook goed te bekijken. Het concert duurt bijna anderhalf uur, maar het loont zeer de tijd er rustig naar te kijken.

Programma
Joseph Haydn (1732–1809), Sinfonie Nr. 47 in G-Dur, Hob. I:47 (1772)
Wilhelm Friedemann Bach (1710–1784), Sinfonia in F-Dur
pauze
Joseph Haydn, Sinfonie Nr. 22 in Es-Dur, Hob. I:22 «Der Philosoph» (1764)
Joseph Haydn, Sinfonie Nr. 46 in H-Dur, Hob. I:46 (1772)

Het concert is op de twee onderstaande video’s te zien en te beluisteren. De eerste video is geeft het deel van voor de pauze weer en de tweede video is van na de pauze. Met gebruik van de time code kunnen ook de afzonderlijke delen van elke symfonie beluisterd worden.

 

Het is prachtig de musici op de oude instrumenten te zien spelen. Vooral de hoorns geven daar een mooi beeld van en spelen soms zeer schetterend. Typisch zijn de gelaatsuitdrukkingen van Giovanni Antonini. Die wisselen sterk af tussen lyrische en dromerige gezichten en vastbesloten op elkaar geklemde kaken of boze trekken. Op de volgende foto’s is hij goed te zien. Maar op de video’s is nog veel meer van zijn levendige uitdrukkingen en zijn dynamische stijl te zien. Het moet een zeer inspirerende dirigent zijn.

Enkele gelaatsuitdrukkingen van de dirigent Giovanni Antonini

Enkele gelaatsuitdrukkingen van de dirigent Giovanni Antonini

 

Advertenties

Concert voor veel instrumenten van Antonio Vivaldi

In het concerto per molti strumenti e orchestra in do – maggiore (RV 558) di Vivaldi komen, zoals de naam aangeeft, veel solo-instrumenten voor.

Het bestaat uit drie korte delen: Allegro molto, Andante molto, Allegro

Hieronder wordt het concert uitgevoerd door Il giardino armonico onder leiding van Giovanni Antonini. (Zie ook een voorgaand blog over il giardino armonico). Zij spelen zoals altijd de muziek weer zeer ritmisch en precies met sterke dynamica (beluister youtube onderaan het bericht).

De uitvoerende instrumenten zijn: twee blokfluiten, twee teorbes (chitarrone), twee mandolines, twee chamuleaux, twee tromba marina of nonnenviolen, een cello en strijkorkest.

Er spelen drie paar oudere instrumenten die je niet vaak hoort. De chamuleau bijvoorbeeld is de voorloper van de klarinet. Zodra je ze hoort spelen heeft dat een vreemd effect want een dergelijk geluid verwacht je niet in die tijd. De tromba marina of nonnenviool is een langwerpig snaarinstrument met een enkele snaar. Het heeft een klankkast die lijkt op die van een harp en werd in relatief grotere aantallen teruggevonden in kloosters. Soms wordt er geschreven dat het als een bas bespeeld wordt, anderen spelen er daarentegen flageoletten op. Het instrument kan hier beluisterd worden. Het klinkt inderdaad als een trompet; er wordt wel beweerd dat nonnen geen trompet mochten spelen en dat dit hun alternatief was. Zou dit waar zijn?

Een indrukwekkend instrument om te zien is de teorbe of chitarrone (grote gitaar). Deze wordt hier prachtig bespeeld door Jonas Nordberg in een suite in a – mineur, Prélude et Allemande van, Robert de Visée. Zeer de moeite waard om naar te kijken èn te luisteren. Het instrument is goed te zien en te horen en het kerkje is bijzonder.

Robert de Visée

Robert de Visée

In het concerto per molti strumenti zijn de verschillende instrumenten niet altijd even goed te onderscheiden. Vaak creëren ze samen een speciaal timbre of klankkleur.

Hieronder dan het concerto per molti strumenti di Vivaldi

 

Een portret van de gebroeders Kuijken

Leonardo zei het al met wat plagerij in zijn voorgaande bericht. Ik ben al tientallen jaren een groot fan van de gebroeders Kuijken. Nu kwam ik gisteren de volgende documentaire tegen. Deze is voor musici van groot belang. Niet alleen omdat het hier om Barthold, Sigiswald en Wieland Kuijken gaat, maar ook omdat het leuk is meer over de jeugd en het begin van hun carrière te horen en omdat ze veelvuldig aangeven waar het bij muziek maken werkelijk om gaat.

Sigiswald Kuijken zegt bijvoorbeeld op een zeker moment (minuut 24):

Als je musicus bent, ben je niet degene die zijn ego moet tentoonstellen, met behulp van al die mooie stukken die de componisten hebben geschreven in het verleden. Dat kan je doen, als je dat echt wilt, maar dan ben je wel een ijdeltuit vind ik. Dat kan heel talentvol zijn, maar dat is toch een houding die ik niet leuk vind. Je gaat niet Bach en Mozart gebruiken om je eigen talent te laten schitteren. Speel dan liever Kreisler en de dingen die daar meer voor gemaakt zijn. Dat is dan leuk. Maar met de hele fantastische diepzinnige en soms hele eenvoudige genieën als Mozart of Bach toch kunnen zijn, daar moet je vind ik met schroom mee om gaan. Dus je staat dan ten dienste vind ik, wat niet wil zeggen dat je niet creatief moet zijn, maar je moet proberen uit te maken wat deze mensen hebben gedaan, waar hebben ze het vandaan gehaald, wat hebben ze willen zeggen met wat ze daar schreven en daar moet je geen jota aan toevoegen, je moet daar niet teveel aan zitten prutsen, van ik ga dat even interessant maken en zo, of ‘interpreteren’. Ik heb al sinds een aantal jaren de onhebbelijkheid om te zeggen dat ik het woord ‘interpretatie’ niet meer wil hebben omdat ik veel liever praat over ‘realisatie’. We moeten de partituren realiseren. Dat is niet objectief, maar het zijn wel die partituren en geen andere dingen, maar het zijn wel wij die het doen. Dus het gevaar dat je te objectief bent bestaat nauwelijks.

Misschien dat ik vroeger al een documentaire over hem gezien heb, maar dat hij deze manier van muziek beoefenen voorstond wist ik al, en waarschijnlijk velen met mij. Daar kunnen heel wat musici nog steeds iets van leren, want teveel virtuositeit en gekunstelde interpretatie is in sommige uitvoeringen nog immer hoorbaar. Zijn manier van muziek maken straalt hij gedurende zijn concerten inderdaad ook uit.

De film is gemaakt door Daniël Brüggen, docent blokfluit en oude muziek aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag, Hij is ook filmmaker en regisseur.

 

 

Van Egypte naar Bach

Een fresco met Sant'Antonio Abate in de aan hem opgedragen kerk in Padua

Een fresco met Sant’Antonio Abate in de aan hem opgedragen kerk in Padua

Er staat in Padua een kerkje, la chiesa di Sant’Antonio Abate, waar afgelopen zondagmiddag een orgelconcert werd gehouden. Het kerkje werd gebouwd in de dertiende eeuw en werd opgedragen aan Sant’Antonio Abate, de eerste kloosteroverste of abt die in Egypte rond de derde eeuw na Christus de eerste monniken om zich heen verzamelde. Hij wordt ook wel Sint Antonius van Egypte genoemd. Niet te verwarren met de bekende Sint Antonius van Padua die uit Portugal kwam en in 1231 in Padua overleed.

Achter het altaar in de apsis bevindt zich een fresco waarop Sant’Antonio Abate afgebeeld is en waarvan ik de foto hiernaast maakte.

 

Het orgel van dit kerkje werd in 2007 gebouwd naar de stijl van de orgelbouwer Arp Schnitger uit Hamburg. Het is in het bijzonder geschikt voor het uitvoeren van Buxtehude, zijn tijdgenoten en Bach staat er in de beschrijving.

Het programma van het orgelconcert bestond uitsluitend uit orgelwerken van Johann Sebastian Bach. Opvallend was het gebruik van het register voor fluit, waar een flink vibrato op gezet was. Dat was wel een erg storend geluid en geheel niet in overeenstemming met de nu gangbare opvattingen over het uitvoeren van barokmuziek. De organist, Ruggero Livieri, speelde, afgezien van deze vreemde keuze, erg goed. Hij speelde tot slot de bekende Toccata en Fuga in d mineur BWV 565 dat het orgel in zijn volle potentie liet horen. Het meest plezierige en interessante was de triosonate n. 3 in d mineur dat eindigde met een speels vivace. Bach schreef zes triosonates voor orgel. Maarten t’Hart schreef er in zijn boek ‘Johann Sebastian Bach’ het volgende over.

Voor wie al dat orgelgeweld met een plenum, uiteraard met mixturen erbij, te veel van het goede is, zijn er de zes

Orgel van de kerk van Sant'Antonio Abate

Orgel van de kerk van Sant’Antonio Abate

onvolprezen Triosonates BWV 525-300. Drie stemmetjes waarbij op het bovenklavier, het hoofdwerk en het pedaal van het orgel een verrukkelijk lichte, dansante wereld opgeroepen wordt. Ach, wat zijn dat toch onbegrijpelijk prachtige stukken. De mooiste is misschien de Vijfde Triosonate, met het openingsdeel waar Bach helemaal niet meer van ophouden weet, en met het beeldschone middendeel waarin hij zo verpletterend veel nootjes wist onder te brengen. Maar ook de Eerste Triosonate – wat een groot feest om daarnaar te luisteren (het was het eerste stuk dat ik bij mijn eerste orgelconcert te horen kreeg en ik was daarna zo aangedaan dat ik de rest nauwelijks in me heb opgenomen) of ze zelf te spelen en wat jammer dat die sonates zo beestachtig moeilijk zijn. Ik heb ze overigens vaak gespeeld met Hanneke. Die nam dan met haar dwarsfluit de bovenste stem voor haar rekening en mij viel het dan niet zwaar de beide onderstemmen te spelen. Had Bach alleen die Zes triosonates gecomponeerd, dan zou hij al veruit de grootste orgelcomponist zijn.

De bekendste is waarschijnlijk de eerste triosonate BWV 525 waarvan het eerste deel, het Allegro Moderato, hieronder beluisterd kan worden. In het eerste fragment speelt Ton Koopman op een orgel van Arp Schnitger in de Sint-Jacobikerk van Hamburg.

 

 

Zijn stijl is eerbiedig en wat langzamer dan de speelsere uitvoering van Peter Hurford die hieronder beluisterd kan worden. Van onderstaand fragment zijn de gegevens van het orgel niet beschikbaar. Het verschil in tempo en stijl heeft wellicht ook te maken met een lichter of zwaarder orgel of de registers die gebruikt worden.

 

 

Om weer terug te gaan naar Padua, daar spelen de fluitist Mario Folena en klavecinist Roberto Loreggian alle triosonates voor orgel van Bach op fluit en klavecimbel met oude instrumenten. Een aantal triosonates worden gespeeld op de flauto d’amore, een instrument dat door middel van een wisselbaar tussenstuk een kleine of een grote terts onder de gewone dwarsfluit in c kan spelen wat een zeer warme klank geeft. De kopie die hij gebruikt is die van een laat achttiende-eeuws instrument van Giovanni Panormo, gebouwd door Giovanni Tardino. De hele CD werd opgenomen in de prachtige abdij van Santa Maria in Carceri en is in zijn geheel hier op Spotify te beluisteren. Hieronder volgt opnieuw, ter vergelijking, het eerste deel van de eerste triosonate van Bach BWV 525.

 

 

Nu vroeg ik me af of er van de triosonates geen uitvoeringen bestaan voor fluit, viool en viola da gamba en/of cello en klavecimbel. Dat zou toch ook een prachtig resultaat kunnen opleveren. Leonardo bracht als voorbeeld van een mogelijk arrangement voor verschillende instrumenten het volgende deel van de vierde Triosonate mee, het andante, dat hier gespeeld wordt door The King’s consort, met als bezetting oboe d’amore, viola, theorbe, en kamerorgel.

 

 

 

 

terre lontane

netherland-websiteIn het Nederlands 

 

Ieri è deceduto Pino Daniele. Un grande cantautore. Una tristissima notizia. L’ho seguito troppo poco, ma mi ricordo bene la sua canzone ‘Terra mia’ che ho molto amato. L’ho sentita per la prima volta quando ero già da diversi anni lontana dalla mia terra, l’Olanda. Non potendo ancora capire le parole della canzone, l’ho interpretata semplicemente come una canzone di nostalgia per la propria terra. Per Pino era la sua Napoli, per me l’Olanda. La canzone è molto struggente.

 

 

Allora mi colpiva il modo arabo con cui canta le sue canzoni. Questa influenza è una caratteristica della musica del mediterraneo, ma allora non lo sapevo e mi rendevo conto di essere vicina a un culla di cultura molto diversa da quella oltre le alpi. (Come quando imparavo che pure il riso viene coltivato in Italia.) In casa ho un vinile di Pino Daniele con le sue canzoni più famose, quali ‘je so’ pazzo’, ‘napule è’, e naturalmente ‘terra mia’.

In seguito mi sono accorta che in effetti le canzoni napoletane antiche e meno antiche hanno la caratteristica della musica araba nel canto, con quel leggero cadenzare intorno alle note principali. Le canzoni antiche si possono ancora sentire ascoltando la Nuova Compagnia di Canto Popolare. Non veramente antica ma comunque bella dove si sente questo particolare stile è ‘tammuriata nera’.

 

 

Un’altra canzone di Pino Daniele che mi piace molto e che richiama pure questa melodia araba è ‘occhi grigi’ che parla di due anziani i cui figli sono cresciuti. Il testo originale si trova qui sotto alla fine di questo post.

 

 

Le piccole cadenze barocche e intervalli mediorientali tipici della canzone napoletana si sentono molto bene nella famosa canzone ‘Maruzella’ di Renato Carosone cantata da Sergio Bruni. Una canzone decisamente ‘vintage’, ma cantata incredibilimente bene.

 

 

Pino Daniele era popolare soprattutto negli anni ’70 e ’80. Molti giovani forse non lo conoscono. Ormai è un cantautore classico che rimane tra noi per sempre.

 

Occhi grigi

E mo sto buono
a parte ‘a pressione
nun piglio café
sto accorto pure a te
si’ sempe ‘a vita mia

‘E figli so’ gruosse
quaccheruno è ‘nzurato
ognuno ‘a via soja
‘o munno è ‘mmano a vuje
facitelo bbuono

‘E viecchie nun se sfottono
e po’ fanno ‘e muorte
‘o no’ statte cu’ mme
quanti ccose che he ‘a sapè

Cu’ l’uocchie grigge hanno visto ‘a cursea
a notte ‘int’o suonno se murmulea

Nun fa’ rummore
mo’ jesce ‘a ‘strazione
picciò famme sentì
vicchiaia ca nun va
tutte c’hanna passà

Jesce surore
pe’ fora ‘a stazione
‘o no’ statte cu’ mme
quanti ccose che he ‘a sapè

Cu’ l’uocchie grigge hanno visto ‘a cursea
‘e bombe ‘int’o suonno se murmulea

Io spenderei tutto il tempo per starti vicino
ma senza parlà
trent’anne ‘e fatica e nun puo’ cchiù aspettà
e ‘o càvero che fa ascì pazzo e nun se po’ suppurtà

 

 

Feestelijk kerstconcert con una nota di dolore

Ingang van het Liviano, la sala dei giganti

Ingang van het Liviano, la sala dei giganti

Omdat het binnenkort kerstfeest is volgt hier een kort verslag van een Kerstconcert in Padua dat afgelopen dinsdag 16 december in het Liviano, la sala dei Giganti werd gehouden. Daar speelde het Orchestra di Padova e del Veneto voor deze gelegenheid onder leiding van violist en solist Fabio Paggioro.

Zoals ik al vreesde werd het niet uitgevoerd op oude instrumenten. Ook de uitvoering van de barokmuziek verliep niet volgens de authentieke wijze en stijl uit die periode. Maar het was een genoegen weer in de mooie zaal te zitten met de zeer speciale akoestiek waar musici van heinde en verre voor komen om dat mee te maken. De zaal zat helemaal vol.

Op het programma stonden Locatelli, Manfredini, Tartini, Handel en J.S. Bach. Het feestelijkste gedeelte kwam natuurlijk met Bach aan het slot van het programma: het Concert in A mineur n.1 voor viool, strijkers en klavecimbel BWV1041.

Maar ook Tartini was erg bijzonder. De violist speelde heel vurig en virtuoos. Zo nu en dan speelde hij al stampend op het houten podium en haalde soms duidelijk hoorbaar ademen. Er knapte op een bepaald moment zelfs een snaar en hij was genoodzaakt van het podium te verdwijnen. Ondertussen kon men met verschrikking luisteren naar de vuilniswagens die beneden op het plein luidruchtig de grote vuilnisbakken aan het legen waren. Dit gebeurde ook tijdens het concert met Sigiswald Kuijken, tien dagen daarvoor (zie voorgaand blogbericht). Toen heeft men zelfs een pauze ingelast om te wachten tot dit brute lawaai zou stoppen.

Eindelijk kwam de solist weer op met een nieuwe snaar. Helaas kwam hij zonder bril en moest opnieuw de coulissen induiken om zijn bril te zoeken. Onder luid applaus kwam hij weer terug en de musici gingen verder waar ze gebleven waren.

Omdat Tartini’s Largo wel erg mooi was, volgt hier een video met de muziek en met foto’s van Padua. Hij was immers een violist en componist die lang in Padua geleefd en gewerkt heeft. In dit geluidsfragment speelt het orkest L’Arte dell’Arco onder leiding van Giovanni Guglielmo. Het stond op de CD die ik aan het eind van het vorige concert kocht (zie voorgaande blogbericht).

Voor de aardigheid staat er ook een plaatje van de partituur, met dat mooie loopje rood omlijnd.

Tartini-Largo

 

Op het origineel zou ook de volgende tekst te lezen zijn van de dichter Pietro Metastasio:

“A rivi, a fonti, a fiumi correte amare lagrime sin tanto che consumi l’acerbo mio dolor” wat betekent:

“Bittere tranen lopen in beken, in fonteinen en rivieren, totdat mijn intense pijn wordt geconsumeerd.”

Op het origineel dat ik vond was dit echter niet te zien.

Sigiswald Kuijken en Tartini in de sala dei giganti

bandera_italia

In Italiano: Sigiswald Kuiken tra i giganti

 

Concertprogramma

Concertprogramma

Afgelopen vrijdag was er een concert in Padua, de stad waar ik net buiten woon en waar ik jaren gewoond heb. Er waren veel goede redenen om er naar toe te gaan. Ten eerste zou daar Sigiswald Kuijken spelen. Hij gaf donderdag een master class aan het conservatorium van Padua, het ‘Cesare Pollini’. Een goed moment om daar een concert aan te verbinden. Ten tweede werd dit concert gehouden in de mooie zaal van het Liviano, ‘la sala dei giganti’. En ten derde was het helemaal gratis.

De weg naar het gebouw loopt door het centrum via de piazza dei Signori. Daar kom ik meestal overdag. Nu was het orologio mooi verlicht met blauwe lampen en met geprojecteerde sneeuwvlokken ook op de gevels.

Het programma bestond uit verschillende sonates en een concert van Giuseppe Tartini. Tartini leefde en werkte in Padua, waar hij ook begraven is in het kerkje Santa Caterina.

De zaal zat voor minder dan de helft vol, wat voor de musici wellicht een teleurstelling was. Ook zeer verbazend als je het niveau en de faam van de musici in acht neemt.

Het mooiste in dit programma was de solosonate voor viool met basso gespeeld door Sigiswald Kuijken op zijn violoncello da spalla (schoudercello).

 

Enkele foto's van het concert. Klik erop voor vergroting.

Enkele foto’s van het concert. Klik erop voor vergroting.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De foto’s van voor, tussen de delen door en na het concert, zijn niet goed gelukt. Gedurende het concert ging Sigiswald Kuijken veborgen achter de eerste violist. En tijdens het ‘duet’ met viool ging hij verscholen achter de muziekstandaard.

Op youtube (hieronder) zijn alle vier de delen van de mooiste sonate van die avond te beluisteren. Het is de Sonate XIV in sol maggiore per violino solo BG4. Op youtube wordt hij gespeeld door Luigi de Filippi. Of hij oorspronkelijk voor violino en basso geschreven werd, is me nog niet duidelijk. Deze sonate werd in elk geval erg mooi begeleid door Sigiswald Kuijken.

 

Op de foto van het invito hieronder is een viool van Giovanni Battista Guadagnini uit 1772 te zien. Op de achterkant staat een oude plattegrond van Padua uit 1784 die gemaakt is door Giovanni Valle. Duidelijk te ontwaren zijn het beroemde plein Prato della Valle, la chiesa di Santa Giustina en de oude stadsmuren.

viool Guadagnini met plattegrond van Padova (fotomontage)

Uitnodiging voor het concert met een viool van de bouwer Guadagnini met plattegrond van Padova (fotomontage?)

In de volgende video vertelt Luigi de Filippi wat meer over Tartini.